Etymologie van Pupil
By thorgal on Jul 11, 2007 | In Etymologie

Wat is de origine van het woord "pupil" en dan in het bijzonder wanneer we het hebben over het midden van je oog.
In het Nederlands, het Frans en het Engels is een pupil(le) zowel het midden van je oog als een kind, meer bepaald een weeskind onder voogdij, of ook een leerling. We kunnen nog verder teruggaan en dan komen we bij het Griekse korè, dat eveneens zowel meisje als pupil betekent en bij het Latijn, dat de oorsprong is van ons woord van de dag: pupil.
Het begint daar bij puer, dat betekent kind. Daarvan afgeleid is het verkleinwoord of koosnaampje pupus, vrouwelijk pupa. Het verkleinwoord is pupula of pupilla en dat lijkt al heel sterk op ons Nederlands woord.
Maar waarom noemen we het midden van het oog, de opening langs waar het licht naar binnen komt door de ooglens, een ‘kindje’? Vreemd genoeg doen we dat in het dialect ook: kindeke, kindeken, kinnekes, het zijn heel gebruikelijke namen in verscheidene dialecten voor de pupil. Ook in het Engels zei men vroeger baby: "to look babies is mekaar in de ogen kijken. Wij zeggen ook ‘poppetje’, zoals in ‘kijk eens in de poppetjes van mijn ogen!’ en dat is nog eens het zelfde, want het komt eveneens van pup(p)a, wat ook in het Latijn al pop betekende, net zoals het Franse poupée en het Engelse puppet. Zelfs puppy voor jonge hond betekent eigenlijk baby-hond op pop-hondje.
Maar waarom die twee betekenissen, kind en oogopening?
Wel, daarvoor moet je eens diep in de ogen van je geliefde kijken, letterlijk dan. Misschien is het je nog niet opgevallen, maar de mensen hebben al heel lang geleden gemerkt dat je jezelf kan weerspiegeld zien in de pupil van de andere, in het klein dan. Je ziet dus in dat oog een klein mensje, een kindeke, een baby, een pupilla.
En zo kreeg de pupil haar naam.
Bron : Wikipedia
No feedback yet
| « Het Fins | van het ene brood naar het andere » |


